Een producent die oplosmiddelen verpakt, heeft geen ruimte voor fouten. De inhoud is gevaarlijk, de regelgeving is strikt en de gevolgen van een niet-conforme sluiting zijn groot. Toch zien wij regelmatig dat inkopers en productieverantwoordelijken pas laat in het traject de certificeringsvraag stellen. Op dat moment is er al geïnvesteerd in een matrijs of een productielijn, terwijl de sluiting nog niet voldoet aan de wettelijke eisen.
De vraag welke certificeringen verplicht zijn, is niet ingewikkeld om te beantwoorden. Maar de samenhang tussen normen, testprotocollen en wettelijke verplichtingen vraagt om een helder overzicht. Dit artikel legt uit welke certificeringen van toepassing zijn, wat die inhouden en waarom de materiaalkeuze minstens zo belangrijk is als de certificering zelf.
De wettelijke basis: CLP-verordening en verpakkingswetgeving
De verplichting om kinderveilige sluitingen te gebruiken bij oplosmiddelen staat niet op zichzelf. De basis ligt in de Europese CLP-verordening, de verordening betreffende indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels. Deze verordening bepaalt voor welke gevaarlijke stoffen kinderveilige sluitingen verplicht zijn.
Oplosmiddelen vallen in veel gevallen onder de categorie acute toxiciteit of ontvlambaarheid. Voor producten die als gevaarlijk zijn geclassificeerd en die aan consumenten worden geleverd, is een kinderveilige sluiting wettelijk verplicht. Die verplichting geldt ook voor producten die via de detailhandel worden verkocht en thuis worden gebruikt.
Naast de CLP-verordening is de Europese verpakkingswetgeving relevant. Die stelt eisen aan de verpakking als geheel, waaronder de sluiting. Producenten zijn verantwoordelijk voor de conformiteit van hun verpakking en kunnen bij controle worden gevraagd om bewijs van certificering.
ISO 8317: de internationale norm voor kinderveilige sluitingen
De meest relevante norm voor kinderveilige sluitingen is ISO 8317. Deze norm beschrijft het testprotocol waarmee wordt vastgesteld of een sluiting daadwerkelijk kinderveilig is. Het protocol bestaat uit twee delen: een kindergroep en een volwassenengroep worden getest op hun vermogen om de sluiting te openen.
Bij de kindergroep wordt de sluiting aangeboden aan kinderen tussen de 42 en 51 maanden. De sluiting is kinderveilig als minder dan een vastgesteld percentage van de kinderen erin slaagt de sluiting binnen een bepaalde tijd te openen. Bij de volwassenengroep, die bestaat uit personen van 50 tot 70 jaar, moet de sluiting juist wel goed geopend kunnen worden.
Een sluiting die voldoet aan ISO 8317 heeft een testrapport waaruit blijkt dat beide groepen de juiste resultaten hebben gegeven. Dit rapport is het formele bewijs van conformiteit. Zonder dit rapport mag de sluiting niet worden gepresenteerd als kinderveilig, ook niet als de constructie er naar uitziet als een kinderveilige sluiting.
De Wit Plastic levert kinderveilige sluitingen die zijn gecertificeerd volgens ISO 8317. Producenten die oplosmiddelen verpakken, kunnen bij ons een sluiting afnemen waarvan het testrapport beschikbaar is.
EN 862: de norm voor niet-hervulbare verpakkingen voor gevaarlijke stoffen
Naast ISO 8317 bestaat er een specifieke Europese norm voor kinderveilige verpakkingen van niet-consumptieproducten: EN 862. Deze norm is van toepassing op verpakkingen die gevaarlijke stoffen bevatten die niet bedoeld zijn voor consumptie. Oplosmiddelen vallen hier in de meeste gevallen onder.
EN 862 verschilt op een aantal punten van ISO 8317. De testkindgroep heeft een andere leeftijdsverdeling en het testprotocol kent andere tijdslimieten. Bovendien stelt EN 862 specifieke eisen aan de sluiting in combinatie met de verpakking. Een sluiting die voldoet aan ISO 8317 voldoet daarmee niet automatisch aan EN 862.
Voor producenten van oplosmiddelen is het belangrijk om vooraf te bepalen welke norm van toepassing is op hun specifieke product en distributiescenario. Een product dat alleen professioneel wordt gedistribueerd, heeft in sommige gevallen andere verplichtingen dan een product dat via de detailhandel aan consumenten wordt verkocht.
Vraag bij aanvraag van een sluiting altijd naar het beschikbare testrapport en naar welke norm de sluiting is gecertificeerd. Dat voorkomt discussies achteraf en geeft zekerheid bij productinspecties.
Materiaalbestendigheid: een technische eis naast de certificering
Een kinderveilige sluiting die gecertificeerd is, maar lekt bij contact met een oplosmiddel, is waardeloos. Materiaalbestendigheid is daarom een technische eis die los staat van de certificering, maar minstens even belangrijk is.
Oplosmiddelen zijn agressieve stoffen. Ze tasten bepaalde kunststoffen aan, veroorzaken zwelling of verzwakken de materiaaleigenschappen van de sluiting. Dat heeft direct gevolg voor de hermetische afsluiting en de functionaliteit van het kinderveiligheidsmechanisme. Een sluiting die door de inhoud wordt aangetast, kan niet langer worden gegarandeerd als kinderveilig.
De keuze van het grondmateriaal moet worden afgestemd op de specifieke inhoud. Polypropyleen heeft een goede basisbestendigheid tegen veel oplosmiddelen, maar niet tegen alle. Bij aromatische of gechloreerde koolwaterstoffen zijn andere materialen of aanvullende technische maatregelen noodzakelijk. De Wit Plastic beoordeelt bij elk project de materiaalbestendigheid op basis van de opgegeven inhoud, zodat de sluiting ook na langdurig contact met het product blijft functioneren.
Seal, conus of plug: de uitvoering bepaalt de dichting
Een kinderveilige sluiting bestaat niet alleen uit het draaimekanisme dat kinderen buiten sluit. De inwendige afdichting is minstens zo bepalend voor de prestatie van de sluiting in combinatie met oplosmiddelen.
De Wit Plastic produceert kinderveilige sluitingen in verschillende uitvoeringen: met seal, conus of plug. Elke uitvoering heeft zijn eigen dichttechniek en prestatiekarakteristieken. Een seal werkt door vlakke druk op de opening van de fles. Een conus werkt door een conische aansluiting die de opening afdicht. Een plug sluit door in de opening te drukken.
Bij oplosmiddelen is de keuze van de afdichtingsvorm relevant. Sommige oplosmiddelen hebben een lage viscositeit en hoge dampdruk, waardoor de afdichting onder druk kan komen te staan. In dat geval is een conus of plug vaak robuuster dan een seal. De juiste keuze hangt af van de eigenschappen van het product, de opslagtemperatuur en de gewenste houdbaarheid van de verpakking.
Bespreek de afdichtingsvorm altijd samen met uw sluitleverancier voordat u een keuze maakt. Een technisch gesprek in het ontwerpstadium voorkomt problemen in de productiefase.
Kwaliteitsborging in het productieproces
Een gecertificeerde sluiting is alleen betrouwbaar als ook het productieproces geborgd is. Een sluiting die is gecertificeerd op basis van een prototype, maar in de serieproductie afwijkt van dat prototype, voldoet niet meer aan de certificering. Kwaliteitsborging in het productieproces is daarom een integraal onderdeel van het certificeringsverhaal.
De Wit Plastic werkt met ISO 9001 gecertificeerde processen. Kwaliteitscontrole is in elk stadium van de productie ingebouwd, niet alleen aan het einde van de lijn. Dat geldt voor de grondstofcontrole, de spuitgietparameters, de maatcontrole van de sluiting en de eindcontrole voor aflevering.
Voor producenten van oplosmiddelen betekent dit dat de sluitingen die zij ontvangen consistent voldoen aan de specificaties van het testrapport. Afwijkingen in wanddikte, klemkracht of materiaalsamenstelling worden gedetecteerd voor ze de productielijn bereiken. Dat geeft zekerheid, zowel bij interne audits als bij externe productinspecties.
Niet altijd. ISO 8317 is de meest gebruikte norm voor kinderveilige sluitingen, maar voor niet-consumptieproducten zoals veel oplosmiddelen is EN 862 de relevante norm. De toepasselijke norm hangt af van de classificatie van uw product en het distributiescenario. Controleer dit vooraf en vraag uw leverancier om het juiste testrapport.
In principe is de certificering gekoppeld aan de combinatie van sluiting en verpakking, niet aan de sluiting alleen. Als u van fles wisselt, kan dat invloed hebben op de prestatie van het kinderveiligheidsmechanisme. In dat geval is een hertest aan te raden om te bevestigen dat de gecertificeerde prestatie behouden blijft.
U hebt minimaal het testrapport nodig dat aantoont dat de sluiting voldoet aan de toepasselijke norm, ISO 8317 of EN 862. Daarnaast is het raadzaam om de materiaaldocumentatie van de sluiting te bewaren, waaruit blijkt dat de grondstof bestand is tegen de inhoud. ISO 9001 gecertificeerde leveranciers kunnen ook hun procescertificaten aanleveren als aanvullend bewijs.



